Koninginnerit
Koninginnedag 2010. Tjonge, wat te doen wanneer de temperatuur 12 graden scheelt met de dag ervoor, regen zich aandient en een leuk programma in je eigen stad ontbreekt... De sauna!
Jawel, Stro en Gras in de auto richting de Veluwse Bron. Al eerder vermaakten wij ons hier opperbest en dus ook nu hadden wij goede zin. Eenmaal aangekomen stonden er stiekem best veel auto's op de parkeerplaats. Eerst maar eens lunchen, onze magen schreeuwden om voedsel. 'Mevrouw', Stro boog een beetje voorover en vroeg waar toch onze lunch bleef. Het zou ons toch niet WEER overkomen, wij moeten ons er in een vorig leven niet al te best vanaf hebben gebracht en dit is onze straf. 'Ja meneer, komt eraan hoor, ik ga even kijken waar het blijft'. En terwijl natuuuuuurlijk de mensen die veeeeeel later bestelden dan wij alles inmiddels hadden verorberd, kwam dan toch ook onze lunch. Niets aan de hand.
We duiken lekker het bubbelbad in en daarna drijf ik op onderwatermuziek in een zwembad met een fantastisch uitzicht. Maar OMG! Een stelletje middelbare senioren (ik schat leeftijden slecht) kakelen zo verschrikkelijk hard door mijn onderwatermuziekjes dat ik verschrikt naar Stro kijk en niet weet hoe snel ik uit het water moet komen. Het is hier verdorie toch geen camping, mensen?!
Een hele hete fijne sauna. Op de bovenste verdieping wordt mijn ontspannen zweetpartij echter ruw verstoord door ditzelfde stelletje tuig dat beneden in het bubbelbad nog steeds in hun camping-modus staat. Chagrijnig zoek ik een andere ruimte op. Het tepidarium, slechts 40 graden dus daar kan ik zelfs heel misschien nog wel even wegdoezelen... Nog geen 10 minuten later. De 4 kakelende campingmensen hijgen, steunen, laten ons getuige zijn van al hun lichamelijke ongemakken, hun lijven die de tand des tijds duidelijk niet hebben doorstaan klimmen (oh nee, ik wil dit helemaal niet zien!! wat een uitzicht) op het heerlijk warme plateau en al kakelend, zuchtend en snuivend wordt het langzaamaan dan eindelijk toch weer stil. Zouden ze niet doorhebben dat men naar een sauna gaat om eens heerlijk uit te rusten en te relaxen? Enfin. Van warmte en ergernis krijg je dorst. Stro en Gras nemen vol goede moed plaats op het terras waar de tafeltjes helaas nog vol staan met het vieze spul van vorige gasten. De terrashaard mag jezelf aandoen door simpelweg op het knopje te drukken. Die doet het dus niet. Wederom zijn wij onzichtbaar voor de bediening (welke bediening?!) en het wordt Stro teveel. Ik kijk eens lang naar zijn gezicht en weet dat dit vandaag niet meer goed gaat komen. Binnen 15 minuten staan we weer buiten.
Onderweg doen we nog een poging om bij een soort van wegrestaurant even lekker iets te eten maar zodra ook daar ober nummer twee doet of we niet bestaan en er net als haar collega voor kiest om zich om te draaien en doodleuk de keuken in te lopen knijp ik Stro. 'Even kijken of we wel echt zijn', 'zien mensen ons überhaupt?'
Op naar huis... Zonder mensen. Zonder bediening.
Homo neanderthalensis
In mijn mooiste outfit pakte ik snel mijn boeltje bij elkaar en reed naar het station. Onze trappen had ik geverfd, de wasmachine, wasmand EN droger waren leeg, het huis was schoon en er stonden verse bloemen. Gras ging Stro ophalen. Die kwam namelijk weer terug van een poosje weggeweest. (Is dat nu wel of geen goede zin?!) Enfin, ik belde hem dat ik voor de hoofdingang stond. 'Ik zie je al', was zijn antwoord. Mijn hart maakte een sprongetje, ik gooide mijn telefoon in mijn tas en snelde de auto uit. 'Haaaai', riep ik. Ik bleef acuut stilstaan. 'Je hebt een baard!' 'Eehh, ja!' was zijn reactie. Hij keek in mijn ogen, zoekend naar wat ik ervan vond. Ik begon te lachen. 'Cool', artifarti hoor! staat je goed eigenlijk wel'. Toen natuurlijk een dikke zoen. De baard was wel zacht maar de snor allesbehalve! 'Eeehm, kleine vraag mijn lieve Stro, hoelang blijft dat ding op je gezicht zitten?' Hij lachte en haalde zijn schouders op. 'Vind je het leuk?' vroeg hij. 'Ja, best wel', beaamde ik. 'Nou, dan blijft dat ding nog wel even zitten denk ik'.
We kwamen thuis, Stro checkte na een poosje zijn telefoon. 'Hey, ik hang nog met jou aan de lijn!'. Ik griste mijn telefoon van het aanrecht en keek. Ja hoor, we hingen nog aan de lijn met elkaar. 1,5 uur lang stonden we letterlijk en figuurlijk onwijs met elkaar in verbinding. Snel maakte ik een rekensommetje en kwam tot de conclusie dat dit nog wel in mijn belbundel zou passen en anders... lekker belangrijk. Mijn eigen baardmans was weer thuis, het weekend kon beginnen!
