Op slot

Hij telt de stenen. En nog eens.
Jaar in jaar uit telt hij de stenen en steeds
vanaf een andere plek.
Overplaatsing of vooruitgang, wat zij willen.
Kalkvorming en vocht, roest en verdwenen voegen.
Een gat, kauwgum, gekras en rode vlekken.
Zware ijzeren pilaren, ze staan er voor steun.
Steun voor het gebouw.
Zware ijzeren spijlen, ze zijn er voor bescherming.
Bescherming voor het raam, voor hen maar
meer nog voor zichzelf.
Uitzicht op een plein, ja maar dan die stenen muur.
Weer tralies, een hek en prikkeldraad.
Een camera volgt hem.
Hij loopt naar de muur, staat er boven op.
Bewakers, gevangenen in een luchtkooi.
Er gebeurt niets. Hij springt eraf en loopt terug.
Terug naar zijn cel, naar bescherming.
Zonder steun en zonder uitzicht.

Ken je de bundel Blauwzuur van Gerrit Achterberg? Daar doet deze goed beschreven sfeer me aan denken.